Aanduiding van blank stafstaal
Roestvast staal volgens EN 10088
‘Corrosievaste staalsoorten. Deel 1: Lijst van corrosievaste staalsoorten’
De aanduiding van de roestvast staalkwaliteiten vindt plaats op basis van de chemische samenstelling, zoals omschreven onder ‘Aanduiding van staalkwaliteiten Algemeen’, gelegeerd staal. Aangezien deze aanduidingen in een aantal gevallen lang worden, is het bij de roestvaste staalkwaliteiten gebruikelijk om het materiaalnummer te gebruiken in plaats van de aanduiding op basis van de chemische samenstelling.
Voorbeeld:
Plaat EN 10088-X2CrNiMo17-12-2: materiaalnummer 1.4404. Een gelegeerd (X) staal met nominaal 0,02 % koolstof (2), gelegeerd met gemiddeld 17 % chroom, 12 % nikkel en 2% molybdeen.
Lijsten met overeenkomstige aanduidingen
Ferritische roestvaste staalkwaliteiten

Martensitische en precipitatie geharde roestvaste staalkwaliteiten

Austenitische roestvaste staalkwaliteiten


Duplex roestvaste staalkwaliteiten

Blank stafstaal volgens EN 10277-5
‘Veredelstaal’
Veredelstaal; in blanke uitvoering volgens deze norm wordt aangeduid op basis van de chemische samenstelling zoals vastgelegd in EN 10083. Om de leveringstoestand aan te geven worden, afhankelijk van de kwaliteit, de volgende letters gebruikt:
| +SH | voor geschild |
| +A+SH | voor gegloeid en daarna geschild |
| +C+QT | voor koudgetrokken en daarna veredeld |
| +QT+C | voor veredeld en vervolgens koudgetrokken |
| +A+C | voor gegloeid en koudgetrokken |
Voorbeeld:
EN 102077-5-42CrMoS4+A+C: een veredelstaal, gegloeid (+A) en vervolgens koudgetrokken (+C).
Lijst met overeenkomstige symbolen voor de leveringstoestand

Blank stafstaal volgens EN 10277-4
‘Carboneerstaal’
Blank carboneerstaal wordt aangeduid op basis van de chemische samenstelling zoals vastgelegd in EN 10084. Om de leveringstoestand aan te geven worden, afhankelijk van de kwaliteit, de volgende letter(s) gebruikt:
| +C | voor koudgetrokken |
| +SH | voor geschild |
| +A+SH | voor gegloeid tot een maximale hardheid en vervolgens geschild |
| +A+C | voor gegloeid en daarna koudgetrokken |
| +FP+SH | voor gegloeid naar een perliet/ferriet structuur en geschild |
| +FP+C | voor gegloeid naar een perliet/ferriet structuur en vervolgens koudgetrokken. |
Voorbeeld:
EN 10277-4-16MnCrS5+A+SH: een laaggelegeerd carboneerstaal, gegloeid tot een maximale hardheid (+A) en vervolgens geschild(+SH).
Blank stafstaal volgens EN 10277-3
‘Automatenstaal’
Blank automatenstaal wordt aangeduid op basis van de chemische samenstelling zoals vastgelegd in EN 10087. Om de leveringstoestand aan te geven worden, afhankelijk van de kwaliteit, de volgende letter(s) gebruikt:
| +C | voor koudgetrokken |
| +SH | voor geschild |
| +C+QT | voor koudgetrokken en vervolgens veredeld |
| +QT+C | voor veredeld en daarna koudgetrokken |
Voorbeeld:
EN 10277-3-11SMnPb30+SH: een met lood gelegeerd automatenstaal in geschilde toestand.
Blank stafstaal volgens EN 10277-2
‘Staalsoorten voor algemene constructieve toepassingen’
Binnen deze norm is zowel blank stafstaal aangeduid op basis van mechanische eigenschappen als blank stafstaal aangeduid op chemische samenstelling vastgelegd. Om de leveringstoestand aan te geven kent deze norm de volgende letter(s):
| +C | voor koudgetrokken |
| +SH | voor geschild |
Voorbeeld:
EN 10277-2-S235JRC+C: constructiestaal voor algemene doeleinden (S) met een gespecificeerde vloeigrens van 235 N/mm² geschikt voor koudvervormen (C) in koudgetrokken toestand (+C)
Blank stafstaal volgens EN 10277
De aanduidingen voor blank stafstaal volgens EN 10277 deel 2 tot en met deel 5 bestaan uit de aanduiding van het warmgewalste voormateriaal gevolgd door een letter of een combinatie van letters die de leveringstoestand aangeven.